Waardevermindering paard na hoefbevangenheid

Een goed sportpaard kost geld. Maar wat heeft zoal invloed op de waarde van een paard?

Een paardenliefhebber kocht een 14 jarige dressuur merrie voor € 65.000,-. Het paard bleek kort tevoren hoefbevangen te zijn geweest. De verkoper had dit niet verteld.

De rechtbank oordeelde dat de verkoper de hoefbevangenheid had behoren mee te delen, maar dat niet voldoende aannemelijk was gemaakt dat de paardenliefhebber daardoor schade leed. De laatste ging hiertegen in hoger beroep.

Ter onderbouwing van de schade werd een deskundige (dierenarts) ingeschakeld. Op basis van zijn bevindingen werd geconstateerd dat de aandoening zo ernstig was dat een normale carrière als sportpaard niet mogelijk was. Gezien de afstamming en prestaties zou het paard nog als fokmerrie een behoorlijke waarde kunnen hebben. Maar op 14 jarige leeftijd is het niet vanzelfsprekend dat een merrie drachtig wordt. Deze omstandigheden hadden ook een negatieve invloed op de waarde. Het paard werd getaxeerd op € 20.000,-.

Het hof oordeelde dat de verkoper haar mededelingsplicht had geschonden en dat de paardenliefhebber terecht een beroep deed op dwaling. Het gevorderde schadebedrag (het verschil tussen aankoop en taxatie) van € 45.000,- werd toegewezen (Gerechtshof Leeuwarden, 1 november 2011, LJN: BU3002).